Pastoor Mennen en de wet van god: Vuile huichelaar.


Ophef in het land der Roomschen. Waar eerder deze week de communie aan homoseksuelen toch werd toegestaan, keert nu een pastoor uit Oss zich tegen het bisdom. Hij is het er niet mee eens dat homoseksuelen toch mogen snoepen van het lichaam van Jezus.

De christelijke god heeft namelijk een hele erge hekel aan mensen die seksuele handelingen verrichten met mensen van hetzelfde geslacht. Tenminste, dat blijkt uit het leidende boekwerk – beter bekend als de bijbel – binnen ‘de christelijke stroming’. Een boekwerk dat alweer enige tijd geleden geschreven en samengesteld is, maar nog steeds niet aan kracht heeft ingeboet. Althans, als het gaat om sommige geboden. Het gebod geen homoseksueel te mogen zijn is één van die geboden waarvan men maar geen afstand van kan nemen. Dit terwijl, en ik zal dit aantonen, andere even stringente geboden geen enkele belemmering vormen.

Er zijn grofweg drie plaatsen in dat boek van hun waar je kunt lezen dat homoseksualiteit niet op de goedkeuring van god kan rekenen. De eerste twee plaatsen bevinden zich in het oude testament in het boek Leviticus. Merk direct op dat er niet gesproken wordt over vrouwelijke homoseksualiteit. Louter over mannen.

22 Je mag niet het bed delen met een man zoals met een vrouw, dat is gruwelijk. Lev. 18:22

13 Wie met een man het bed deelt als met een vrouw, begaat een gruweldaad. Beiden moeten ter dood gebracht worden en hebben hun dood aan zichzelf te wijten. Lev. 20:13

De tweede plaats waar over homoseksualiteit gesproken wordt is in Paulus’ brief aan de Romeinen:

25 Ze hebben de waarheid over God ingewisseld voor de leugen; ze vereren en aanbidden het geschapene in plaats van de schepper, die moet worden geprezen tot in eeuwigheid. Amen. 26 Daarom heeft God hen uitgeleverd aan onterende verlangens. De vrouwen hebben de natuurlijke omgang verruild voor de tegennatuurlijke, 27 en ook de mannen hebben de natuurlijke omgang met vrouwen losgelaten en zijn in hartstocht voor elkaar ontbrand. Mannen plegen ontucht met mannen; zo worden ze ervoor gestraft dat ze van God zijn afgedwaald. Rom. 1:25-27

Er zijn twee opmerkelijke zaken aan deze lezing. Ten eerste wordt hier wel melding gemaakt van het feit dat homoseksualiteit onder vrouwen een zonde is. Belangrijk is echter ook om te zien dat Paulus hier spreekt van een duidelijke causaliteit. Omdat men van god is afgedwaald, heeft god deze mensen “uitgeleverd aan onterende verlangens”. Homoseksualiteit is daarom niet alleen een keuze, maar ook een straf van god.

Hoe komt Paulus aan deze wijsheid? Hij was ook maar een mens en we mogen aannemen dat hij niet meer zintuigen had dan iedere andere primaat. Daarom kunnen we niet anders dan aannemen dat hij ageert tegen homoseksualiteit omdat hij goed op de hoogte was van de inhoud van Leviticus. Daarnaast kan er op geen enkel moment waarde toegekend worden aan zijn vaststelling dat er sprake zou zijn van causaliteit of keuze. We blijven derhalve achter met één enkel boek waarin homoseksualiteit verboden wordt door hun god. Nogmaals; tussen mannen.

Nu wil het geval dat Leviticus een monoloog van god tot Mozes is, zoals blijkt uit de aanvang. Als u zich de moeite troost – en het kunt opbrengen -  om enkele verzen te lezen, dan valt u direct een tweede ding op: Leviticus is een dictaat van god met betrekking tot de wetten die hij wenst in acht genomen te worden. Natuurlijk geldt dit eigenlijk alleen voor de lieden die hij aanspreekt, zijn uitverkoren volk. Maar aangezien onze christenen ook menen dat dit woord leidend is, laten we deze inschattingsfout even voor wat hij is.

Ervan uitgaand dat een christen als pastoor Mennen meent dat er op basis van Leviticus geen discussie kan bestaan over wat god vindt van homoseksualiteit, vermeerderd met het feit dat hij op zijn persoonlijke website niet alleen deze kennis uitspreekt, maar ook verwijst naar het feit dat homoseksualiteit klaarblijkelijk een keuze is,

Er belde mij gisteravond een priester die zei: wat doe ik nog in dit bisdom?  Ze winnen in Den Bosch blijkbaar liever de homo’s dan de katholieken! Die zijn er misschien dan ook door het gedoog- en zwijgbeleid van de afgelopen veertig jaar van bisschoppen en priesters wellicht meer dan katholieken!

kunnen we eenvoudig stellen dat het dan op zijn minst opmerkelijk is dat de beste pastoor denkt zelf niet aan deze wet van god gehouden te mogen worden. Waar spreek ik van? Welnu, volgt u mij alstublieft naar Leviticus 21. Wij lezen vandaag kort doch vluchtig vers 5:

5 Priesters mogen hun hoofd niet kaalscheren en geen stukken uit hun baard knippen. Ook mogen ze geen tekens in hun huid kerven.

Ik zal u direct erkennen dat ik niet het ‘genoegen’ heb mogen smaken het naakte lichaam van Mennen te kunnen bezichtigen. Of hij derhalve wel of niet tekens in zijn huid gekerfd heeft is mij onduidelijk, doch waarschuw ik hem alvast dit niet te doen op straffe van de toorn gods.

Dit vers, dat verwaarloosbaar dicht in de buurt staat van het verbod op ‘het slapen van een man met een man als ware zij een vrouw’ rept echter wel nog over een ander aspect van het uiterlijk van een priester. Een aspect dat – ik raad u aan nu nogmaals de afbeelding van het gelaat van Mennen te beschouwen bovenaan deze post – toch duidelijk door deze herder der roomse christenen met voeten wordt getreden!

Ik wil pastoor Mennen daarom aanraden een rechte koers te bewandelen. Ofwel hij volgt de geboden van zijn god, ofwel hij weerhoudt zich van het vellen van een oordeel. De richting die hij nu gekozen heeft kan, blijkens dit korte verhaaltje, zelfs door een ongelovige hond als ik binnen tien minuten ontmaskerd worden voor wat zij is: Lariekoek, hypocrisie en achterbaks.

In dit verband wil ik, ondanks dat ik dat niet gewoon ben, de beste pastoor wijzen op een ander citaat uit een, volgens hem, verlichter gedeelte van zijn heilige boek. We bladeren naar Matteüs 7, vers 1 en lezen gezamenlijk:

1 Oordeel niet, opdat er niet over jullie geoordeeld wordt. 2 Want op grond van het oordeel dat je velt, zal er over je geoordeeld worden, en met de maat waarmee je meet, zal jou de maat genomen worden. 3 Waarom kijk je naar de splinter in het oog van je broeder of zuster, terwijl je de balk in je eigen oog niet opmerkt? 4 Hoe kun je tegen hen zeggen: “Laat mij de splinter uit je oog verwijderen,” zolang je nog een balk in je eigen oog hebt? 5 Huichelaar, verwijder eerst de balk uit je eigen oog, pas dan zul je scherp genoeg zien om de splinter uit het oog van je broeder of zuster te verwijderen.

Amen.


Posted: 2010-03-06 10:32:04

Vai all' articolo originale / Go to original article


Tags: god  vuile  huichelaar  van  wet  mennen  pastoor  
Powered by Joomla! Software libero rilasciato sotto licenza GNU/GPL
Questo sito non rappresenta una testata giornalistica in quanto viene aggiornato senza alcuna periodicità.
Non può pertanto considerarsi un prodotto editoriale ai sensi della legge n. 62 del 7.03.2001
Auspichiamo la libera diffusione di tutto il materiale presente nel sito, dietro segnalazione delle fonti